Haags raadslid Richard de Mos heeft tijdens een bezoek aan Suriname een intentieovereenkomst ondertekend voor een stedenband tussen Den Haag en Paramaribo. Dit roept vragen op binnen de gemeenteraad: kan een partijleider zomaar uit naam van de stad spreken?
Haags raadslid Richard de Mos heeft tijdens een bezoek aan Suriname een intentieovereenkomst ondertekend voor een stedenband tussen Den Haag en Paramaribo. Dit roept vragen op binnen de gemeenteraad: kan een partijleider zomaar uit naam van de stad spreken?
De Mos benadrukt dat het een ‘fact finding missie’ was met het oog op de verkiezingen van 2026, waarbij Hart voor Den Haag een bredere achterban wil aanspreken. ‘In Den Haag wonen 55.000 mensen van Surinaamse komaf. Zij moeten beter bediend worden dan nu het geval is,’ zegt hij in *AD*.
Niet iedereen is overtuigd. ‘Het lijkt alsof hij namens Den Haag spreekt en zo het college en de raad ondermijnt,’ stelt Adeel Mahmood (Denk). Ook John Bijl, gemeentepolitiek-expert van het Periklesinstituut, plaatst kanttekeningen: ‘Hiermee kan het beeld worden geschapen dat De Mos Den Haag vertegenwoordigt. En dat kan-ie niet, dat kan alleen de burgemeester. Ook als-ie 45 zetels haalt. Dus de vraag is: doet De Mos hier voorkomen alsof hij een mandaat heeft wat-ie nooit gaat krijgen? Zonnekoninggedrag. En ons parlementaire systeem is nou juist bedoeld om dergelijk zonnekoninggedrag – “ik ga het wel even voor je regelen” – te voorkomen.’