Vanaf 2026 krijgen gemeenten aanzienlijk minder geld van het Rijk, wat leidt tot een geschat tekort van drie miljard euro per jaar. Brabantse gemeenten verwachten gezamenlijk een tekort van 130 miljoen euro in 2026, oplopend naar 154 miljoen euro in 2027, meldt Omroep Brabant. Dit dwingt hen tot ingrijpende keuzes: of een forse verhoging van de gemeentelijke belastingen, of scherpe bezuinigingen op lokale voorzieningen.
Volgens Michiel van der Eng, financieel deskundige bij het Periklesinstituut, zullen vooral kleinere gemeenten de klappen voelen. ‘Grotere gemeenten hebben meer rek in de begroting en kunnen dit beter opvangen,’ legt hij uit. Om het volledige tekort te compenseren, zou de onroerendezaakbelasting (OZB) met gemiddeld zestig procent moeten stijgen. ‘Dat is nauwelijks uitlegbaar, want inwoners krijgen er geen extra voorzieningen voor terug,’ aldus de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG).
De VNG adviseert gemeenten om kritisch te kijken naar zowel verplichte als autonome taken. Bezuinigingen op verplichte taken, zoals paspoortuitgifte, zullen direct merkbaar zijn. ‘Als je maar één avond per week een rijbewijs kunt aanvragen, gaan inwoners daar last van krijgen,’ stelt Van der Eng. Daarnaast dreigt kaalslag in gemeentelijke voorzieningen zoals zwembaden, buurthuizen en culturele instellingen. ‘Een zwembad of buurthuis kan je maar één keer sluiten en meestal komt het niet meer terug. Heropenen brengt weer hoge kosten met zich mee.’
Gemeenten bereiden zich nu al voor op de mogelijke gevolgen en hopen dat de landelijke politiek alsnog met extra financiering komt. ‘De tijd dringt,’ waarschuwt Van der Eng. ‘In het najaar moeten gemeenten beslissen over de begroting voor 2025 en oplossingen zoeken voor het dreigende tekort in 2026 en later.’