In verschillende gemeenten zijn vrouwen met voorkeurstemmen in de raad gekozen, soms zelfs tegen hun eigen verwachtingen in. BN De Stem sprak met enkele van deze nieuwkomers en deskundigen over de impact hiervan op de lokale politiek.
De toename van vrouwelijke raadsleden is een positieve ontwikkeling, zegt John Bijl van het Periklesinstituut. ‘Uit internationaal onderzoek blijkt dat vrouwen andere onderwerpen op de agenda zetten. Welke dat precies worden, moeten we afwachten.’ Hij wijst ook op het effect van de campagne ‘Stem op een vrouw’, die kiezers bewust heeft gemaakt van de mogelijkheid om via voorkeurstemmen meer diversiteit in de raad te krijgen.
Toch accepteert niet iedere met voorkeur gekozen vrouw haar zetel. In Alblasserdam besloot Mieke van ’t Verlaat (VVD) af te zien van haar raadszetel omdat ze zich nog niet voldoende ingeburgerd voelde in de gemeente. Ook in Zwijndrecht gaven kandidaten van CDA en GroenLinks hun zetel terug, omdat zij vonden dat ervaren partijgenoten beter op hun plaats waren. Bijl begrijpt deze keuzes: ‘Raadswerk vergt bijna twintig uur per week en niet alle kandidaten voelen zich er klaar voor.’
Andere vrouwen grijpen de kans juist met beide handen aan. Zo werd Anita Stigter in Papendrecht de eerste vrouwelijke raadslid namens de ChristenUnie en gaat Annelies Dorst voor SGP-ChristenUnie in Hendrik-Ido-Ambacht de raad in. Beiden benadrukken dat vrouwen op een andere manier naar beleid kijken en dat diversiteit in de gemeenteraad van groot belang is.