Mag een gemeente besluiten een landelijke wet niet uit te voeren omdat zij het er politiek niet mee eens is? De discussie in Utrecht laat zien waar de grens ligt tussen bestuurlijke ruimte en selectieve wetstoepassing.
De raadzaal van de gemeente Utrecht (foto: John Bijl / Periklesinstituut)
De nieuwe Utrechtse coalitie wil een eventuele strafbaarstelling van illegaal verblijf niet uitvoeren als die ooit alsnog in werking treedt. Daarmee raakt de discussie aan een fundamenteel uitgangspunt van de democratische rechtsstaat: gemeenten voeren wetten uit, ook wanneer zij het inhoudelijk oneens zijn met die wetten.
De aanleiding is een artikel in het AD over het nieuwe Utrechtse coalitieakkoord. Daarin staat dat de gemeente blijft vasthouden aan afspraken uit het Valentijnsakkoord en een eventuele strafbaarstelling van illegaal verblijf niet zal uitvoeren. Hoewel zo’n strafbaarstelling momenteel niet bestaat, spreekt de coalitie zich al uit over hoe zij zou handelen als de wet in de toekomst verandert.
Gemeentepolitiekdeskundige John Bijl wijst erop dat gemeenten weliswaar regelmatig zoeken naar de ruimte die wetgeving biedt, maar dat dit iets anders is dan een wet bewust naast je neerleggen. ‘Gemeenten moeten wetten in principe gewoon uitvoeren, of ze die nou leuk vinden of niet.’
Dat onderscheid is belangrijk. Gemeenten kunnen binnen wettelijke kaders beleid vormgeven, experimenteren of via de rechter duidelijkheid vragen over de uitleg van regels. Ook kunnen zij via de Vereniging van Nederlandse Gemeenten of rechtstreeks richting kabinet en parlement pleiten voor wetswijzigingen. Maar zolang een wet geldt, vormt zij het uitgangspunt voor het handelen van het gemeentebestuur.
Bijl waarschuwt daarom voor selectieve wetstoepassing. ‘Landelijke wetten gewoon niet uitvoeren, omdat je het er politiek niet mee eens bent, is toch wat anders dan experimenteren of de randjes opzoeken om jurisprudentie uit te lokken.’
Die scheiding tussen politiek en uitvoering is een belangrijk onderdeel van de democratische rechtsstaat. Gemeenteraden mogen zich uitspreken tegen landelijke wetgeving en proberen die te veranderen. Maar zij bepalen niet zelf welke wetten wel en niet binnen hun gemeente gelden.