De aangifte van Rita Verdonk (Hart voor Den Haag) tegen wethouder Mariëlle Vavier (GroenLinks) houdt Den Haag in zijn greep. De kwestie draait om een gelekte brief met geheime informatie over een toekomstige opvanglocatie. Volgens John Bijl van het Periklesinstituut kan deze zaak verstrekkende gevolgen hebben: ‘Als de brief door het hele college is ondertekend, dan zijn ze collectief verantwoordelijk. Dat maakt de situatie nog zuurder.’
De kernvraag: wie draagt de verantwoordelijkheid voor geheimhouding? Verdonk beticht Vavier van het delen van vertrouwelijke informatie met buurtbewoners, terwijl dit nog in de raad besproken moest worden. Bewoners kregen een brief, maar mochten de inhoud niet delen. Dit leidt tot verwarring over de juridische en ethische kaders van geheimhouding. Bijl is kritisch: ‘Je kan burgers niet zomaar verplichten om iets geheim te houden. Burger zijn is geen ambt.’ Ook hoogleraar Geerten Boogaard onderschrijft dit: ‘De norm van geheimhouding geldt alleen voor functionarissen, niet voor gewone inwoners.’
Naast de juridische implicaties benadrukt Bijl het amateurisme van het college. Hij hekelt de werkwijze: ‘Geheime stukken horen in een dubbele envelop met duidelijke markeringen. Als het halverwege een brief staat, is dat niet serieus te nemen.’ Het college reageerde door te stellen dat de geheimhouding conform de wet is opgelegd, maar volgens Verdonk mist deze redenering overtuigingskracht. ‘Zonder instemming van de raad is dit gewoon lekken.’
Burger zijn is geen ambt
De gevolgen kunnen aanzienlijk zijn. Bijl schetst een scenario waarin niet alleen Vavier, maar het hele college onder vuur komt te liggen: ‘De raad kan het college ontslaan. Het is niet uitgesloten dat zij straks allemaal met een taakstraf staan.’
Deze zaak raakt een breder vraagstuk: hoe zorgvuldig gaan lokale overheden om met vertrouwen en geheimhouding? Het roept vragen op over transparantie en verantwoordelijkheid. Bijl: ‘Wethouders die geheime informatie bewust delen met inwoners, maken zich schuldig aan een kwalijke praktijk.’
Voor gemeenteraadsleden, griffiers en burgemeesters is deze kwestie een les in politieke verantwoordelijkheid. Het laat zien hoe cruciaal het is om niet alleen juridisch, maar ook moreel correct te handelen. Zoals Bijl het scherp samenvat: ‘Dit college heeft het dom en amateuristisch aangepakt.’