Landelijke kopstukken stuwen lokale campagnes — of ondergraven ze die juist?

Zodra de gemeenteraadsverkiezingen in zicht komen, trekt Den Haag de provincie in. Ministers en partijleiders stappen op de campagnekar om zich te laten fotograferen met lokale kandidaten. Geert Wilders eet een frietje in Venlo, Thierry Baudet beklimt het theaterpodium, Rob Jetten staat in Maastricht, Lilianne Ploumen verschijnt in Heerlen met Frans Timmermans aan haar zijde. Hun boodschap? Stem lokaal, maar vergeet vooral Den Haag niet.

Voor sommige lokale partijen is die Haagse steun een doorn in het oog. Zeker als landelijke thema’s – zoals de coronamaatregelen, het pensioenstelsel of de gekozen burgemeester – worden ingezet om stemmen te trekken. ‘Je informeert de kiezer onjuist door te suggereren dat een gemeenteraad daarover gaat’, zegt John Bijl, directeur van het Periklesinstituut. ‘Zolang het om steun aan lokale kandidaten gaat, is er niks aan de hand. Maar als het draait om het Haagse kopstuk dat vier folders uitdeelt en alle aandacht opeist, gaat het mis.’

Volgens Bijl dragen media daar onbedoeld aan bij: ‘Ze komen pas opdagen als er een landelijke politicus verschijnt, terwijl ze bij een lokale bijeenkomst vaak wegblijven.’

Dat landelijke politiek ook een lokale stemkeuze beïnvloedt, valt volgens hem mee. ‘Slechts vijftien procent van de kiezers laat zich er vooral door leiden. En voor wie bijvoorbeeld door een nieuw landelijk partijlabel getriggerd wordt om lokaal het programma te bekijken, is dat nog altijd een inhoudelijke overweging.’ Wat wél schadelijk is: Haagse vertraging en politieke impasses. ‘Zo’n eindeloos durende kabinetsformatie schaadt het vertrouwen in de hele politiek, óók lokaal.’

Toch is de tegenstelling tussen lokaal en landelijk niet altijd terecht, waarschuwt politicoloog André Krouwel (KiesKompas). Gemeenten voeren landelijk beleid uit, van coronahandhaving tot energietransitie. En landelijke kandidaten zijn ook gewoon inwoners van de gemeente. ‘Doe niet alsof lokale problematiek volledig losstaat van het grotere plaatje.’

Maar zelfs wie zich niet stoort aan Haagse hulp, is het erover eens dat de uitslag van de raadsverkiezingen niet moet worden gebruikt als barometer voor Den Haag. ‘Dat is appels met paperclips vergelijken’, aldus Bijl. ‘Je meet iets heel anders.’ Krouwel noemt het hooguit een signaal. ‘Maar een directe vertaling is misplaatst.’

De les? Gemeenteraadsverkiezingen zijn geen bijlage van de landelijke politiek. Ze verdienen hun eigen toon, hun eigen debat – en vooral: hun eigen legitimiteit.

Drie dagen voor de gemeenteraadsverkiezingen schoof John Bijl aan bij BNR om te praten over het belang van de gemeenteraad. Zijn boodschap was helder: raadsleden moeten niet vooral zenden, maar juist luisteren. ‘Een goed raadslid luistert naar wat iemand anders vindt en gaat vanuit dat meningsverschil het gesprek aan. Dat geldt net zo goed voor Kamerleden – alleen daar zie je dat er 130 man in diezelfde valkuil zijn gekukeld.’

In het gesprek werd duidelijk hoe moeilijk het soms is om het belang van de gemeenteraad zichtbaar te maken. Veel mensen kunnen de invloed van de raad niet goed plaatsen. ‘En dat is niet terecht’, aldus Bijl. ‘Gemeenteraden gaan over heel veel belangrijke dingen.’ Onderwijs, verkeersveiligheid, de inrichting van pleinen – allemaal onderwerpen die op lokaal niveau politieke keuzes vergen. ‘Of je nou betontegels en stadionlampen kiest of juist gebakken klinkers en sfeervolle lantaarns, dat is een politieke keuze met impact.’

Volgens Bijl ligt er dus ook verantwoordelijkheid bij inwoners. Stemmen op basis van landelijke sentimenten is verleidelijk, maar onverstandig. ‘Moet je je stemrecht gebruiken om je teleurstelling over Den Haag te uiten? En daarmee een minder goede uitspraak doen voor je eigen gemeente? Ik vind het nogal wat.’

In de podcast ging het ook over campagnebudgetten. Lokale partijen moeten het zonder rijkssubsidie stellen, terwijl landelijke partijen tonnen uitgeven aan advertenties. ‘Ik vind het onrechtvaardig dat lokale politieke verenigingen geen subsidie krijgen’, zei Bijl. Al lijken ze daar in de praktijk weinig last van te hebben: lokale partijen blijven groeien.

De podcast eindigt met een oproep aan twijfelende stemmers. Volg lokale politici op sociale media, bekijk stemhulpen, lees verkiezingsprogramma’s. En vooral: besef dat de gemeenteraad niet ver-van-je-bed is. ‘Met grote macht komt grote verantwoordelijkheid’, citeerde Bijl de oom van Spiderman. Die wijsheid geldt ook voor kiezers.

Bijl adviseert kiezers om niet alleen een stemwijzer te doen, maar ook goed na te denken over de onderwerpen en kandidaten. ‘Politiek gaat niet over of je ergens voor of tegen bent, maar over hoe je op dat standpunt bent gekomen.’

De opkomst bij gemeenteraadsverkiezingen blijft een zorgpunt, vooral in steden als Rotterdam, waar in 2018 slechts 46,7 procent van de kiesgerechtigden ging stemmen. Socioloog Frank van Steenbergen wijst op wantrouwen in de politiek als belangrijke factor. Gemeenten proberen met extra communicatie de betrokkenheid te vergroten.

Naast de gemeenteraadsverkiezingen vinden in Rotterdam ook wijkraadsverkiezingen plaats. Jongeren vanaf zestien jaar mogen hieraan meedoen, zelfs als ze nog niet voor de gemeenteraad mogen stemmen. Stemmen kan dit jaar drie dagen lang: officieel op 16 maart, maar ook al op 14 en 15 maart op geselecteerde stembureaus.

Boomsma heeft zich in de afgelopen raadsperiode onder meer ingezet voor volkstuinders, woonbooteigenaren en de toeslagenouders. Zijn bekendste wapenfeit is zijn strijd tegen het erfpachtbeleid in Amsterdam, waardoor middeninkomens minder snel uit de stad verdreven werden. In de komende raadsperiode wil hij zich richten op het afvalprobleem in de stad, dat hij omschrijft als ‘Napolitaanse toestanden’.

Naast Boomsma ontving Eva de Bruijn (GroenLinks Eindhoven) een eervolle vermelding. Zij eindigde op de tweede plaats vanwege haar inspanningen om jongeren en studenten beter te betrekken bij de lokale politiek. Met initiatieven zoals een huurteam, dat al een ton aan onterechte huur terugvorderde, wist zij concrete resultaten te boeken.

De overige finalisten waren Dogukan Arif Ergin (DENK, Schiedam) en Nathalie Nede (ChristenUnie, Arnhem). De verkiezing werd maandagavond bekendgemaakt in talkshow M.

Uit een onderzoek van het Eindhovens Dagblad blijkt dat Karel Boonen van Cranendonck Actief met ruim veertien uur de absolute koploper is in de regio. Aan de andere kant van het spectrum staat Lara Tamarinof (GroenLinks Helmond), die in vier jaar slechts 23 minuten aan het woord was.

Volgens debattrainer John Bijl draait het niet om kwantiteit, maar om kwaliteit. ‘Je ziet graag dat een raadslid bij ieder debat een bijdrage levert. Het is immers verbaal werk. Je vraagt je af wat iemand doet die maar 200 seconden aan het woord is geweest.’ Tegelijkertijd waarschuwt hij voor breedsprakigheid. ‘Als je verhalen wilt vertellen, kun je beter een podcast beginnen.’

Bijl ziet het belang van kernachtig formuleren. ‘Je moet scherp kunnen aangeven wat je grootste bezwaar is. Als je dat in 500 seconden niet kan, dan lukt het ook niet in 10.000.’ In gemeenten zoals Helmond worden hier inmiddels maatregelen voor getroffen: per agendapunt krijgt elke partij maximaal drie minuten spreektijd. Dit dwingt raadsleden tot bondigheid en houdt vergaderingen efficiënter.

De balans tussen veel en effectief spreken blijft een uitdaging. Een goed raadslid maakt niet alleen gebruik van spreektijd, maar benut deze ook slim.

In aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen kruisten de lijsttrekkers van DENK en de VVD de degens in een stevig debat. Over woningnood, veiligheid en vertrouwen in de overheid waren de verschillen duidelijk – maar volgens Bijl vooral in stijl. ‘Het ging veel over hoe de ander het níet doet, in plaats van wat men zelf gaat doen. Dat is jammer, want gemeenteraadsverkiezingen draaien juist om het besturen van je stad.’

Ook Visser zag hoe de toon het debat overheerste. ‘Het was weinig constructief. Het leek alsof er vooral een landelijke campagne werd gevoerd in plaats van een Rotterdams gesprek.’

Volgens Bijl laat het zien hoe kwetsbaar het lokale debat is voor landelijke retoriek. ‘De kiezer in Rotterdam wil weten wat er met de wijk gebeurt. Daar helpt het niet als het vooral om profilering gaat.’

Het debat riep discussie op over de vorm. ‘Het is aantrekkelijk radio, maar misschien niet het format dat bij gemeentepolitiek past’, stelde Bijl. ‘Want uiteindelijk gaat het om samenwerken. En dat zie je niet als iedereen tegenover elkaar wordt gezet.’

Voor veel jongeren voelen de gemeenteraadsverkiezingen als iets stoffigs. Maar wie denkt dat raadsleden alleen gaan over stoepranden en paspoorten, vergist zich. In een gloednieuwe explainer video van NOS op 3 wordt helder én aanstekelijk uitgelegd waarom jouw stem bij de gemeenteraadsverkiezingen er wél toe doet. John Bijl van het Periklesinstituut werkte met makers aan het script voor de video.

Van jongerenhuisvesting tot klimaat, van jeugdzorg tot festivals: het komt allemaal voorbij. En altijd met een concrete link naar je eigen leefomgeving. Bekijk de video en ontdek waarom lokaal stemmen misschien wel het meest directe effect heeft op jouw dagelijks leven.

Volgens Bijl spelen naast beeldvorming ook praktische bezwaren een rol. ‘Vergaderingen zijn vaak op momenten die voor jongeren onhandig zijn. Als je naast je studie of baan ook nog raadslid wilt zijn, moet je veel opofferen. Dat maakt het minder aantrekkelijk.’

Om jongeren actiever te betrekken, moeten gemeenten hun werkwijze aanpassen. ‘Je kunt bijvoorbeeld mentorprogramma’s opzetten en flexibeler omgaan met vergadertijden,’ stelt Bijl. ‘Ook moeten partijen actief op zoek naar jong talent, in plaats van te wachten tot ze zichzelf aandienen.’

Volgens Bijl zou een inclusievere cultuur niet alleen jonge raadsleden aantrekken, maar ook de politiek als geheel versterken. ‘Jongeren kijken anders naar problemen en brengen frisse perspectieven in. Dat is waardevol voor de hele raad en vergroot de democratische legitimiteit.’

Volgens John Bijl van het Periklesinstituut speelt de afwezigheid van landelijke kopstukken hierin een rol. ‘Landelijke politici zijn campagnemoe door de coronacrisis, de lange kabinetsformatie en de oorlog. Lokale politici moeten terugvallen op gemeentelijke thema’s, maar daar is vaak minder aandacht voor.’

Uit onderzoek blijkt dat betaalbaar wonen voor verreweg de meeste Amsterdammers prioriteit heeft. De discussie over regulering van de woningmarkt is complex, en partijen hebben moeite om de dilemma’s helder over te brengen. ‘Voor wie bouw je huizen en onder welke voorwaarden? Dit soort vragen moeten invoelbaar worden gemaakt,’ aldus Bijl.

Een ander opvallend thema is duurzaamheid. Waar er vier jaar geleden nog grote politieke verschillen waren, is er nu brede consensus over de noodzaak van verduurzaming. Hoogleraar Claes de Vreese (UvA) wijst erop dat de politieke strijd nu vooral gaat over de uitvoering: wie betaalt de kosten en welke maatregelen zijn haalbaar?

Veel kiezers twijfelen nog, vooral onder progressieve partijen. De Vreese noemt daarnaast de invloed van de oorlog in Oekraïne als onzekere factor. ‘De opvang van vluchtelingen kan op het laatste moment nog een doorslaggevende rol spelen in stemgedrag.’

Van der Weide dreigde destijds in een Facebookbericht een bom naar de raadszaal te brengen, uit frustratie over het uitblijven van een reactie op zijn pleidooi voor een coffeeshop. Dit leidde tot een celstraf en een boete van vijftienduizend euro voor wietverkoop. Nu staat hij op het punt om als volksvertegenwoordiger terug te keren.

Volgens gemeentepolitiekdeskundige John Bijl is er juridisch niets wat een raadslidmaatschap verhindert. ‘Ze zijn tot elkaar veroordeeld. Maar ik kan me voorstellen dat het voor de burgemeester heel ongemakkelijk aanvoelt.’ Alleen bij landverraad of zware veroordelingen kan het kiesrecht worden afgenomen, en een Verklaring Omtrent Gedrag (VOG) is niet verplicht voor raadsleden.

Van der Weide heeft geprobeerd een gesprek met de burgemeester te regelen, maar wil dit zonder anderen erbij doen. De burgemeester houdt echter vast aan de gebruikelijke procedure, waarbij de griffier aanwezig is. De uitnodiging voor een gesprek blijft staan.