IT in de provincie is ‘belangrijk, maar politiek onzichtbaar’

Vaktijdschrift Ag Connect analyseerde verkiezingsprogramma’s voor de Provinciale Statenverkiezingen. Het viel op dat digitale veiligheid nauwelijks voorkomt. Bijl snapt dat IT geen verkiezingstrekker is. ‘Informatieveiligheid is voor alle provincies een minimumvereiste. Daar zal niemand tegen zijn. Maar de politieke vraag is: hoeveel wil je erin investeren?’ Volgens hem wordt IT in de praktijk vaak onderschat, terwijl incidenten – van gehackte sluizen tot Chinese camera’s – aantonen hoe kwetsbaar de digitale infrastructuur is.

De uitdaging is volgens Bijl niet alleen technisch, maar ook bestuurlijk. ‘Het gaat om uitlegbaarheid en vertrouwen. Je kunt als politieke partij niet alles overlaten aan de uitvoering.’ Daarom zou IT vaker onderwerp van debat moeten zijn in Provinciale Staten – ook al levert het geen stemmen op, wel degelijk publieke verantwoordelijkheid.

Het gaat om een opname die werd gemaakt door Nathalie Kiers, vrijwilliger bij bewonersgroep Waterland en tevens lid van ONS. ONS-woordvoerder Martin Polder erkent dat Kiers zonder medeweten van gesprekspartner Sylvia Kats van stichting WaterlandSpijkenisse een opname maakte. ‘We hebben dit intern besproken en geconcludeerd dat het niet goed en niet netjes was, maar er is excuus aangeboden.’ Toch deed Kats dinsdag aangifte tegen Kiers.

Volgens gemeentepolitiekdeskundige John Bijl liggen raadsleden en actieve politici onder een vergrootglas, ook in hun privéleven. ‘Zo werd belastingfraude een raadslid al eens fataal.’ De zaak wordt mogelijk besproken in het besloten seniorenconvent, het overleg tussen fractievoorzitters en de burgemeester.

Samen met politicoloog Hans Vollaard is hij te gast om uit te leggen waar de verkiezingen nu écht over gaan. Niet over migratie of de spreidingswet, maar over woningbouw, buslijnen en cultuurbeleid in de provincie. Toch blijkt uit onderzoek dat een derde van de kiezers zich bij het stemmen laat leiden door onderwerpen waar de provincie geen bevoegdheid over heeft. Vollaard: ‘De verkiezingen zijn bedoeld als controlemiddel. Maar als je niet weet wat er speelt, kun je het bestuur ook niet afrekenen.’

De misverstanden zijn volgens de gasten het gevolg van een combinatie van factoren: het onderwijs besteedt te weinig aandacht aan het functioneren van de provincie, de media richten zich vooral op landelijke kopstukken, en politieke partijen sturen zelf hun Haagse fractieleiders op pad. ‘Dan gaan we dus debatteren over asielinstroom, terwijl de provincie zich buigt over verkeersveiligheid of de verdeling van nieuwbouwlocaties.’

Volgens Bijl doen de landelijke media hier een stap te ver. ‘Als EénVandaag landelijke partijleiders aan het woord laat over provinciaal beleid, dan ben je de kiezer gewoon verkeerd aan het informeren.’

Toch is er ook hoop. Onderwerpen als stikstof of arbeidsmigratie raken óók aan provinciale keuzes. En de recente opkomst van BBB laat zien dat kiezers wel degelijk gevoelig zijn voor regionale belangen. Maar dan moeten die belangen wel herkenbaar worden gepresenteerd. ‘Gebruik deze verkiezingen waarvoor ze bedoeld zijn,’ zegt Bijl. ‘Als signaal, als mandaat — maar dan wel voor je provincie.’

Zaterdag werd Geert Wilders in Tiel verwelkomd door een menigte die met hem op de foto wilde. De PVV-leider voert daar campagne om zijn Gelderse lijsttrekker Marjolein Faber te steunen. ‘Wil je Nederland terug, dan zijn deze provinciale verkiezingen ook belangrijk,’ aldus Wilders. Hij benadrukt dat de Provinciale Staten de Eerste Kamer kiezen en daarmee invloed hebben op de landelijke politiek.

Wilders is niet de enige landelijke politicus die de regio’s intrekt. Tijdens het carnavalsweekend trapte Sigrid Kaag (D66) in Arnhem de verkiezingscampagne van haar partij af, terwijl Wopke Hoekstra (CDA) ook in Gelderland te vinden was. VVD-prominent Edith Schippers bezocht een Arnhems bedrijf dat werkt aan een innovatieve waterstofbatterij.

Volgens Bijl, directeur van het Periklesinstituut, is het fenomeen van landelijke kopstukken in provinciale campagnes misleidend. ‘Deze verkiezingen zouden over de provincie moeten gaan, niet over Den Haag.’ Toch blijven partijen prominente gezichten inzetten om stemmen te trekken, omdat regionale kandidaten vaak minder bekend zijn bij het grote publiek.

De invloed van landelijke politici op regionale verkiezingen is niet nieuw. Ook bij de gemeenteraadsverkiezingen van vorig jaar kwamen Haagse kopstukken massaal in actie om lokale campagnes te ondersteunen. Dit leidde tot discussie over de vraag of gemeenteraadsverkiezingen niet primair over lokale thema’s zouden moeten gaan.

Deskundige John Bijl gaat in gesprek met initiatiefnemer en oud-Kamerlid Boris van der Ham, framingexpert Sarah Gagestein en historicus Shashi Ropram. Samen laten zij zien hoe de Grondwet werkt, wat er nodig is om haar te wijzigen, en waarom het maar liefst dertien jaar duurde om drie woorden toe te voegen.

Wat deze aflevering laat zien: de Grondwet is een traag document — en dat is precies de bedoeling. Ze wordt niet zomaar aangepast, juist omdat ze waarden uitdrukt die voor de lange termijn moeten gelden. Maar zodra zo’n aanpassing eenmaal plaatsvindt, kan dat grote impact hebben. Niet alleen juridisch, maar ook maatschappelijk: als erkenning, als opdracht aan wetgevers, als moreel ijkpunt.

In het debat in de Eerste Kamer vielen termen als constitutionele rijpheid en symbolische waarde, maar het waren vooral de persoonlijke verhalen — over toegankelijkheid, uitsluiting, zichtbaarheid — die raakten. En of het nu gaat over een parlementaire meerderheid of een samenleving die ‘er klaar voor is’, de aflevering laat zien dat een grondwetswijziging nooit losstaat van haar tijd.

Een aflevering vol geschiedenis, politieke timing en menselijke waardigheid — met als bonus: twee grondwetten op tafel (en de belofte dat er binnenkort weer een nieuwe druk verschijnt).

Het Kamergesprek: parlementaire debatten uitgelegd is de politieke talkshow om het parlementaire debat beter te begrijpen. Het Kamergesprek wordt gemaakt door ProDemos in samenwerking met Nieuwspoort.

Het onderzoek van de NOS en regionale omroepen wees uit dat vooral Statenleden van Forum voor Democratie en afsplitsingen veruit het vaakst verstek lieten gaan. In sommige provincies was meer dan de helft van hun fractieleden geregeld afwezig. ‘Als je zo vaak afwezig bent, moet je je afvragen of je daar wel op je plek zit,’ stelde Bijl.

Uit het onderzoek blijken fractieleden van Forum voor Democratie het vaakst afwezig. ‘Ik word daar echt pissig van,’ zegt Bijl. ‘Het is gewoon respectloos. Niet alleen naar collega’s in de Staten, maar vooral naar de kiezer. Mensen hebben op je gestemd in de verwachting dat je je werk doet, en dan kom je gewoon niet opdagen?’ Dat de partij plots groeide vindt Bijl geen excuus. ‘In de campagne hebben ze hard geroepen de grootste te willen worden. Toch zagen heel veel nieuwe Statenleden de vergaderzaal pas voor het eerst bij hun installatie. Dan heb je je niet voorbereid.’

Politicoloog Ines Kostić, Statenlid voor de Partij voor de Dieren in Noord-Holland, sloot zich hierbij aan en benadrukte dat volksvertegenwoordigers een verantwoordelijkheid hebben tegenover de kiezer. ‘Ik zie het als mijn plicht om aanwezig te zijn en mee te doen aan de besluitvorming. Anders laat je de mensen die op je gestemd hebben in de steek.’

Een van de besproken oplossingen is betere ondersteuning voor Statenleden. ‘De werkdruk is hoog, dat is waar. Maar dat ontslaat niemand van de plicht om zijn werk te doen,’ aldus Bijl. Hij suggereerde dat het bieden van inhoudelijke en praktische ondersteuning Statenleden kan helpen om hun taken beter uit te voeren. Kostić voegde toe dat er ook sprake is van een mentaliteitsprobleem: ‘Als je hier zit voor het pluche en niet voor het debat, dan ga je vanzelf afhaken.’

Zowel structurele verbeteringen als een sterkere persoonlijke verantwoordelijkheid zijn nodig om de opkomst te verbeteren. ‘Het vertrouwen in de politiek staat al onder druk,’ waarschuwde Bijl. ‘We kunnen het ons niet permitteren dat Statenleden simpelweg niet op komen dagen.’

Statenleden laten het afweten, hoe lossen we dit probleem op? (Dit is de Dag, 9 februari 2023)

Zijdeveld bedient zich van nogal wat denksprongen om zijn punt te maken. Hij beweert dat het hoge verloop onder wethouders te wijten is aan hun ‘ontworteling’. En deze ontworteling is op z’n beurt weer de schuld van de dualisering. Vooral voor dat laatste biedt hij geen logische onderbouwing.

Inderdaad, de wetswijziging uit 2002 maakte het mogelijk dat de raad wethouders ‘van buiten’ zoekt. Ze zijn geen lid meer van de raad en hoeven niet eens uit de gemeente zelf te komen. Maar een wijziging van twintig jaar geleden verklaart toch niet waarom de werkdruk juist de laatste tien jaar (te) groot is geworden? Daarnaast, zo’n 15 procent van de wethouders komt van buiten, terwijl bijna alle benoemde bestuurders toenemende werkdruk voelen.

De ontworteling herken ik evenmin. Ook van wethouders van buiten de gemeente zijn er genoeg voorbeelden van mensen die snel in de lokale gemeenschap zijn opgenomen. Ook sportwethouders van buiten vind je langs de lijn, en cultuurwethouders in het theater. Wethouders die nieuw zijn in de gemeente raken snel geworteld. Logisch, het lukt burgemeesters immers ook – en die komen immers bijna altijd van buiten.

Democratische winst

Hoe dan ook leverde de bestuurlijke rolverandering in 2002 niet op dat banden tussen wethouder en raad werden doorgesneden, zoals Zijdeveld beweert. Wél betekende het dat rollen anders moesten worden ingericht. ‘Wethouders waren min of meer een vooruitgeschoven post van de fractie’, beweert Zijdeveld. Hoewel menig­een het andersom ervoer, was deze relatie precies de aanleiding voor de wetswijziging. Het monisme van voor 2002 verzwakte de rol van de volksvertegenwoordiging als geheel, en vooral van degenen die dan toevallig geen wethouder leverden.

De dualisering zorgde juist voor een meer volwassen trias politica waar de wetgevende rol van de raad en de uitvoerende macht van het college werden gescheiden. En dat het debat over waar het naartoe moet met de gemeente niet in de fractiekamer, maar in de openbare raadzaal werd gevoerd.

Inmiddels weet menig wethouder dat maar al te goed. Hoewel er altijd banden zullen blijven, voelt de moderne wethouder zich op z’n minst de vooruitgeschoven post van de hele raad, in plaats van die van één fractie. Democratische winst. Maar wethouders merken ook dat ze dit voor een steeds grotere portefeuille met steeds complexere uitdagingen en steeds minder geld moeten doen. Die redenen geven ze zelf aan voor de werkdruk, in plaats van een bestuurlijke structuurwijziging van meer dan twintig jaar geleden, die overigens noodzakelijk was.

Dit artikel verscheen op 3 februari 2023 eerst in de Volkskrant

Het fragment is opgenomen door een bestuurslid van voetbalclub CION, dat zich ergerde aan het gebrek aan verslaglegging rond de herbouw van de afgebrande voetbalkantine. In het gesprek erkennen ambtenaren dat een bestaande vloer technisch gezien geschikt is om opnieuw te gebruiken, maar besluiten dat niet met de raad te delen: ‘We gaan de raad ook niet vertellen dat het allemaal wel kan, die vloer moet eraf.’

Het college vraagt uiteindelijk 75.000 euro extra voor een nieuwe vloer. In het raadsvoorstel staat dat de oude ‘vervangen dient te worden’. De gemeenteraad stemt in.

John Bijl reageert principieel: ‘Een gemeenteraad moet alle informatie krijgen die nodig is om zijn werk te kunnen doen. Dat staat ook in de Gemeentewet. Op basis van alle informatie moet een gemeenteraad een politieke afweging kunnen maken’ .

Het college laat weten ‘geschrokken’ te zijn van de uitspraak ‘dat we de raad niet gaan vertellen dat het allemaal wel kan’ en beraadt zich op stappen. Tegelijkertijd noemt het college het maken van een stiekeme opname ‘geen fatsoenlijke gang van zaken’ .

De raad reageert verdeeld, maar bezorgd. ‘Als ik een besluit neem, dan wil ik dat gedegen doen en heb ik alle informatie nodig’, zegt GroenLinks-fractievoorzitter Neill Voorburg. ‘Ik hoop dat het niet waar is’ . Frans Hoogendijk (ONS.Vlaardingen) spreekt van een ‘regelrechte ramp’, en Arnout Hoekstra (SP) zegt hier als raadslid ‘niet blij’ van te worden .

De casus legt een pijnlijk leerpunt bloot: politieke besluitvorming kan alleen betrouwbaar zijn als de informatievoorziening op orde is. En dat begint bij de ambtelijke organisatie. Transparantie is geen gunst, maar een vereiste.

Van Amersfoort weigert al dagen commentaar. De gemeente Rotterdam kan geen duidelijkheid geven en verwijst naar een niet-gedigitaliseerd archief. PvdA-fractievoorzitter Lianne Mulder erkent inmiddels dat de omschrijving in het persbericht ‘ongelukkig’ was.

Toch houdt coalitiepartij ONS vol dat er ‘geen ruis’ is. Bijl spreekt van aantoonbare misleiding. ‘Wat de PvdA zegt klopt niet.’ Vrijdag vergaderen de PvdA-leden over de ontstane situatie, waarbij Mulder zich moet verantwoorden.

De jury roemt Segers-Hoogendoorn om zijn opvallende rol in de oppositie. Na een zware verkiezingsuitslag waarin het CDA nog maar één zetel overhield, besloot lijsttrekker Christine Eskes haar plek af te staan aan Segers-Hoogendoorn. Dat bleek een schot in de roos. ‘Hard en scherp zijn in kritiek op het college, maar ook op zoek zijn naar oplossingen: die zeldzame combinatie typeert het CDA-raadslid als geen ander’, aldus het juryrapport.

Die duale houding blijkt onder meer uit zijn scherpe kritiek op wethouder Vincent Karremans en de vasthoudendheid waarmee hij het dossier rond Rotterdam The Hague Airport op de agenda houdt. Tegelijkertijd weet Segers-Hoogendoorn ook te verbinden. Zijn initiatief voor een breed gedragen Woonakkoord oogst lof, zeker in een stad waar het woonbeleid al jaren zorgt voor diepe verdeeldheid.

De jury prijst niet alleen zijn politieke profiel, maar ook zijn persoonlijke stijl: betrokken, toegankelijk en ‘aardig en eerlijk’. Daarmee laat Segers-Hoogendoorn zien hoe oppositie voeren niet gelijk hoeft te staan aan alleen maar tegen zijn.


 

Met deze prijs treedt hij in de voetsporen van eerdere winnaars zoals Chantal Zeegers (D66) en Nourdin El Ouali (NIDA). Meer informatie over prijs vind je op www.besteraadslidvanrotterdam.nl.