Met alle debatten over bestemmingsplannen, welzijnsnota’s en cultuurhuisvesting zou je haast vergeten dat er ook over de organisatie van de politiek gesproken moet worden. In Haaksbergen behandelt men vanavond de aanbestedingsrichtlijn voor de accountant. Deze zal voor de raad de nodige controles uitvoeren.
Meestal is dit een hamerstuk, maar Gea Costeris (Leefbaar Haaksbergen) wil één element besproken hebben. De controlerende en de adviserende taak van de accountant moet worden gesplitst, vindt zij. ‘De raad moet zeker weten dat de controlerende accountant geen enkel ander zakelijk belang heeft.’ Ze wijst op de discussie in de landelijke politiek en wil het voorstel amenderen. De andere raadsleden doen er het zwijgen toe; ze is de enige spreker in de eerste termijn.
Volgens wethouder Jan Martin van Rees heeft de landelijke discussie geen effect op Haaksbergen. Die heeft betrekking op beursgenoteerde bedrijven. ‘En de overheid is geen beursgenoteerd bedrijf,’ voegt hij er fijntjes aan toe.
Dat punt wordt door de rest van de raad in de tweede termijn overgenomen. Han Noordink (PvdA) ‘Zolang het geen regelgeving is, hoeven we niet voorop te lopen.’ Dat vindt Herbert Leusink (CDA) ook. Volgens hem kan het landelijke voorstel nog alle kanten op. ‘We hebben nauwelijks de planken om het huis te bouwen en Leefbaar staat al met de spijkers klaar,’ stelt hij metaforisch. Verder voegt de raad er aan toe dat ze erg tevreden zijn over de accountant.
Costeris’ fractiegenoot Peter van Vlaanderen mengt zich in de discussie. ‘Ik vind het vreemd dat het College hier überhaupt een mening over heeft. De gemeenteraad stelt de accountant aan. Hij werkt in opdracht van ons.’ De raadsleden kijken elkaar wat verward aan. Ook wethouder Van Rees lijkt even met z’n mond vol tanden te staan. Pas later formuleert burgemeester Hans Gerritsen een antwoord: ‘In de praktijk zal de accountant intens samenwerken met het college, maar u heeft gelijk: de raad bepaalt.’
Toch heeft de raad zich afhankelijk gemaakt van de mening van het college door de wethouder zo prominent aan het woord te laten. Dat gebeurt wel vaker wanneer er kaders moeten worden gesteld, maar voor een functionaris die het College moet gaan controleren is dat misschien extra raar.
Deze column verscheen op 2 juli 2012 bij Binnenlands Bestuur.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.
De kadernota. Een van die momenten waar raadsleden de kans krijgen om eens écht politiek bedrijven en hun visie voor de gemeente te laten zien. Worden we groen of zetten we in op werkgelegenheid? Topsport of breedtesport? Toerisme of dorpsrust? Niet voor niets behandelt de gemeenteraad van Geertruidenberg de conceptnota in een zogeheten discussieraad. Al is hier van discussie is geen sprake.
De raad is vooral nieuwsgierig. Ze overspoelt het college met vragen. Adriaan de Jongh (CDA) wil weten of men rekening houdt met de loonontwikkeling. ‘De vraag was echt alleen maar informatief,’ benadrukt hij. ‘Wat krijgt de buurtwacht precies te doen?’ vraagt Mirjam de Groot (PvdA) geïnteresseerd. ‘Wat heeft de ingehuurde BOA precies gedaan?’ vraagt Wendy Muis (Keerpunt74). En als er al een naar politiek neigende opmerking wordt gemaakt, weet het college die wel met heel veel detailinformatie te overdonderen. Als Patrick Kok (VVD) kritisch is over de handhaving, krijgt hij van burgemeester Matthieu Meijer college, ‘kijk, we gedogen wanneer we bij een vergunning verplicht zijn overtredingen eerst te móeten proberen ze te legaliseren.’
Nu is Meijer’s feitenkennis ogenschijnlijk onuitputtelijk. Op de vraag waarom de kosten voor de brandweer hoog zijn, antwoordt hij gedecideerd. ‘We hebben oud materieel. De tankauto heeft een lekje. De HV is 17 jaar oud.’ Zijn verhaal is zo gedetailleerd dat niemand meer durft te vragen wat een ‘HV’ eigenlijk is. Alle feiten worden tot achter de komma gedeeld. Ja, zelfs de urenbesteding van de BOA zal worden toegezonden. En ook op de kentekens van het wagenpark komt men terug. Welgeteld is het college de helft méér aan het woord dan acht fracties bij elkaar.
Aan het eind van de vergadering heeft de raad vooral feiten verzameld. Gefascineerd door de details komt de raad niet meer toe aan vragen naar beleid — wat wil het bestuur van de Geertruidenberg bereiken? Beter was geweest deze technische vragen bijvoorbeeld schriftelijk af te doen en de behandeling van de kadernota te starten met een korte presentatie over wat de portefeuillehouder met het beleidsterrein wil bewerkstelligen. Nu is de uitvoering van het beleid toegelicht. Maar het waarom van het beleid is achtergebleven.
Deze column verscheen op 18 juni 2012 bij Binnenlands Bestuur.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.
Er is maar één manier om op het perceel van Achtersloot 99a een bedrijfswoning naast de kalverenstal te krijgen. Er moet een uitzondering komen op het bestemmingsplan; met een zogeheten artikel 19-procedure. Een technisch lastige kwestie. De gemeente IJsselstein en de vergunningvrager zijn er al sinds 2008 mee bezig.
Bij het vaststellen van de agenda verzoekt Robert Pape (ChristenUnie) het punt van de agenda te halen. ‘Er is geen nieuwe informatie,’ is zijn oordeel. Bovendien blijkt dat een belangrijke brief pas gisteren om half 5 naar de raad is verzonden. Wethouder Rob de Vries reageert furieus op het verzoek: ‘daar hebben wij als college de grootste moeite mee!’
De wethouder wil schorsen. Pas na 45 minuten afwezigheid van raad én wethouder gaat men brommend akkoord met behandeling. ‘Met grote moeite,’ aldus Rob Meine (PvdA). ‘Wat gebeurt kan ècht niet,’ vult Hans Lappee (GroenLinks) later in het debat aan.
Tijdens het debat blijkt de zaak nóg ingewikkelder. De betreffende aanvrager heeft zich niet altijd netjes aan zijn bouw- en milieuvergunningen gehouden. ‘De aanvrager heeft de grenzen van het toelaatbare altijd opgezocht,’ stelt Rob Brand (VVD). ‘Nu instemmen lijkt een bonus op slecht gedrag,’ stelt Joop van Well (SP). Wethouder De Vries: ‘Deze procedure betekent niet dat de bouwvergunning ook automatisch wordt afgegeven.’ Ook over de naleving van eerdere regels is hij stellig. ‘Alles moet op orde zijn voordat er een schop de grond in gaat,’ parafraseert hij de raad. Toch moet er nu over de artikel 19-procedure worden gestemd. ‘Anders verloopt het bestemmingsplan en dan kunnen we geen leges meer innen.’ Die reden komt procedureel over.
Na wederom een schorsing volgt een korte tweede termijn. De sussende informatie van de wethouder is voor de meeste raadsleden voldoende om in te stemmen. De vraag is dan ook waarom dit soort technische informatie niet tevoren aan de raadsleden verstrekt is. Ook als niet gespecialiseerde parttimers hadden zij dan het belang van het besluit ingezien. Het had een raadsvergadering van vier uur met meer dan een uur aan schorsingen aanzienlijk korter gemaakt.
Deze column verscheen op 3 juni 2012 bij Binnenlands Bestuur.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.
Er is geld nodig. Voor de derde keer is er budgetoverschrijding voor het nieuwe stadskantoor in Haarlem. De raad is daar op z’n zachts gezegd nukkig over. Hoewel niemand blij is met extra kosten, is de raad niet unaniem of dit krediet nu wél of níet moet worden verstrekt.
Debat dus, waar alle argumenten en voorwaarden tegen elkaar worden afgewogen. Nou, dát niet. Want in Haarlem zijn de raadsleden meer met elkaar bezig dan met de besluitvorming.
Niet dat er geen meningen zijn. De VVD is helder; zij zijn voor het krediet. ‘Niet omdat het leuk is, maar omdat we onze bestuurlijke verantwoordelijkheid nemen,’ aldus Rob de Jong. Merijn Snoek (CDA) springt er bovenop. ‘Wijst het rekenkamerrapport er ons niet op dat een meer kritische raad een positief effect zou hebben gehad? Waarom bent u niet meer kritisch?’ klinkt het verwijtend.
Ook Jeroen Fritz (PvdA) heeft verwijten. ‘Dit is ontstaan doordat sommigen in de campagne hebben geroepen dat het goedkoper kan,’ stelt hij. ‘Wie dan?’ wil Fedde Reeskamp (Lijst Reeskamp) weten. Mokkend geeft de PvdA toe dat zij dat ook wel eens geroepen hebben. Puntje gescoord, tik uitgedeeld. ‘We hadden dit kunnen zien aankomen,’ stelt Louise van Zetten (D66). ‘Waarom heeft een van uw jóngens dan beloofd dat er geen extra kosten meer komen,’ bijt Sjaak Vrugt (Actiepartij) toe. ‘U bent zelf altijd het beste jongetje van de klas. U had het ook kunnen weten,’ sneert Van Zetten terug. Tik! ‘Geen cent er bij,’ vindt Peter Schouten (SP). ‘Bezuinig maar op de inrichting.’ ‘Maar u bent de partij de bezuinigingen altijd afwijst!’ schimpt Lukas Mulder (GroenLinks). Tik! Tot vijf keer toe citeren raadsleden commissievergaderingen uit zelfs 2007. ‘Toen heb je dit gezegd!’ Tik! Tik! Afgewogen wordt er niet meer. Alle kostbare argumenten om vóór of tégen de kredietverstrekking te zijn, gaan op in het spelletje prestatiedrift.
Aan het eind van het debat maakt Snoek (CDA) de opmerking tegen het krediet te stemmen omdat ‘we een gemankeerd debat hebben gehad.’ Dat klopt ook. Als punten scoren op je tegenstander belangrijker wordt dan argumenteren en afwegen, blijft er van het debat niets over.
Wethouder Van Veen krijgt er deze avond flink van langs. De gehele raad is meer dan kritisch over zijn voorstel. Toch maakt het helemaal niks uit.
De gemeente Cuijk heeft vanavond een businesscase kunstgras op de agenda staan. De verantwoordelijk wethouder, Michel van Veen heeft deze businesscase opgesteld om te laten zien wat de voordelen zijn van kunstgras. Spelregels, noemt hij het zelf, om in gesprek te gaan met sportclubs. ‘Met kunstgras geef je de jeugd nog meer mogelijkheden!’ is de enthousiaste titel.
De sfeer wordt bij de eerste spreker, Silvia Derks (PvdA) al duidelijk. ‘De wethouder gaat nu ook al kleine kinderen inzetten om kunstgras te promoten’. De raad reageert met een ongemakkelijk lachje. De toon wordt er niet meer ontspannen van. ‘Wij zien alleen voordelen voor voetbalverenigingen,’ aldus Anne van Diemen (GroenLinks). Helma Pluk (Algemeen Belang Cuijk) ziet de meerwaarde van de case niet. ‘Een mooie rekensom, maar elke aanvraag moet individueel beoordeeld worden.’ ‘We zien het eerste voorstel wel tegemoet,’ valt Liesbeth van Heeswijk (VVD) bij.
Wethouder Van Veen reageert op alles. Natuurlijk moeten we nieuwe aanvragen zelf beoordelen. Natuurlijk ligt met deze case niet alles vast. En: natuurlijk betekent dit niet dat wij overal kunstgras willen. ‘Wat betekent deze businesscase dan?’ vraagt Mariëlle van Zuilen (D66). Van Veen gaat los in zijn enthousiasme: maatschappelijke meerwaarde, gezondheid, multifunctionaliteit. Kunstgras lijkt de panacee voor heel veel Cuijkse problemen. ‘Er wordt van alles bijgehaald,’ mijmert Dielen (GL) verward.
In de tweede termijn lijkt de raad ook niet meer te weten waar ze aan toe is. ‘Volgens mij stellen we niks vast,’ stelt Van Zuilen (D66). ‘Jawel. Spelregels!’ merkt Dielen (GroenLinks) op. ‘Ja maar er zijn geen financiële consequenties,’ reageert Van Zuilen. Dat is ook wel weer zo.
Een verwarde, lijdzame raad neemt het nu onschadelijke voorstel toch maar aan. Over of deze case – of überhaubt een case – het kunstgras-beleid van Cuijk gaat helpen, is nauwelijks een knoop doorgehakt. Toch ligt er een case waar eigenlijk niemand achter staat. Maar hij is er. En niemand weet waarom.
Niet alleen fysieke grenzen, ook de bestuurlijke grenzen kunnen gemeentelijke besluiten flink in de weg zitten. Soms zou je willen dat je meer kon dan je mocht.
De gemeente Gilze en Rijen besloot in september vorig jaar met 17 vóór en 4 tegen dat de winkels op zondag open mochten. Dat besluit was ondoordacht, meent de indiener van een bezwaar. De gemeente is niet ‘substantieel en autonoom toeristisch’ zoals volgens de wet wel moet. De bezwaarcommissie vindt het een gegrond bezwaar. Gevolg: het college stelt voor het besluit van toen terug te draaien om een eventuele gerechtelijke procedure met de indiener te voorkomen.
De raad ontkomt niet aan het verlangen ook te debatteren over nut en noodzaak van de zondagopenstelling, al is het niet de vraag voor dit raadsdebat. ‘Openingstijden zijn aan de ondernemers zelf,’ stelt Hans Rutten (VVD). Hij windt zich op over de onduidelijke wet: ‘het is een gedrocht!’ Jan de Wee (GemeenteBelangen) benadrukt de veranderde tijd. ‘Vroeger werkte je op vaste tijden, tegenwoordig is zondag een gewone dag,’ stelt hij fraai. De enige fractie tegen de zondagopenstelling meent dat het slecht voor de ondernemers. ‘Mensen kunnen een euro maar een keer uitgeven!’ zegt Jac Wouters van het CDA. ‘Maar het bestedingspatroon is wel veranderd!’ zet Ton Hesemans (PvdA) er gretig tegenover.
Maar of je voor of tegen zondagopenstelling bent, was niet de stelling van dit debat. ‘U moet een besluit nemen of we de winkelopstelling terugdraaien, anders moeten we de gang naar de rechter maken,’ memoreert burgemeester André Osterloh. De raad reageert teleurgesteld. ‘Maar kunnen we dan niet proberen de winkels in alleen Rijen open te houden?’ probeert De Wee nog. ‘Ook dan moeten we aan de criteria van de wet voldoen,’ redeneert de Burgemeester. ‘Maar de wet is een gedrocht!’ herhaalt Rutten. ‘Toch moeten we er aan voldoen,’ stelt de Burgemeester.
Dan is het ineens voorbij. Zonder slot, zonder laatste afweging. Lijdzaam gaat de raad akkoord met het terugdraaien van de zondagopenstelling. De vraag van dit debat — durven we naar de rechter of heeft de gemeente maar te schikken heeft naar de wet? — blijft onder het laagje teleurstelling verscholen.
Deze column verscheen op 1 mei 2012 bij Binnenlands Bestuur.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.
Op de agenda van de gemeenteraad Coevorden staat de plattelandsvernieuwing. De gemeente pakt meer regie bij het onderhoud en de verbetering van de publieke ruimte. De bestaande particuliere deelcommissies, bestaande uit bewoners en zonder politieke inmenging, worden opgeheven.
Dat is an sich een collegevoorstel waar ieder raadslid zich in kan vinden. Toch is er debat. En terecht.
De knuppel wordt in het hoenderhok gegooid door Frits Klasen (Gemeentebelangen), naar eigen zeggen het enige raadslid dat nog heeft meegemaakt dat het vórige besluit werd genomen. ‘Ik ben het er niet mee eens hoe de deelcommissies worden weggezet in de notitie.’
Klasen’s reactie is niet emotieloos. Op Drentse toon zegt hij kristalhelder: ‘Ik ben niet tegen het opheffen van de deelcommissies, maar wel tegen het beeld dat ze niks voor elkaar hebben gekregen.’
Het lokt de andere raadsleden tot een reactie. Roelof Boerma (VVD) citeert zakelijk de notitie. ‘De deelcommissies hebben niet bereikt wat ze dachten te bereiken.’ Hij kijkt erbij alsof er niks mis mee is. ‘Nee,’ reageert Klasen. ‘Ze begonnen met niks en ze zijn ver gekomen.’ Aan tafel knikken de andere raadsleden inlevend mee.
Wethouder Truus Pot voelt het signaal goed aan. ‘De deelcommissies hebben zonder twijfel een positieve bijdrage geleverd,’ citeert ook zij de notitie. ‘Ik heb dan ook een dubbel gevoel. Met trots kijk ik terug naar wat de deze commissies hebben gedaan.’ Toch is het tijd voor nieuw beleid.
Dat signaal is genoeg. De kwaliteit van een politiek besluit zit niet alleen in de het besluit zelf. Politiek bedrijven is ook oog hebben voor de omstandigheden waaronder dat besluit genomen moet worden. De gemeenteraad heeft die emotie goed aangevoeld en zo wethouder Pot een klein beetje bij geholpen emotie mee te wegen in het besluit. Ook al is de uitkomst dezelfde, de achtergrond heeft nu een verdiende plaats gekregen.
Deze column verscheen op 16 april 2012 bij Binnenlands Bestuur.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.
Politiek bedrijven is een vierdimensionale kunst. Alles wat je besluit heeft niet alleen impact in de samenleving, maar ook op de toekomst. Zoals het archeologisch beleid, wat in de raad van Zwijndrecht moet worden vastgesteld.
Ingewikkeld, want je besluit nú of de vaas uit 1008 die in een moestuin wordt opgegraven in een museum of bij de eerlijke vinder in de vensterbank komt. En dat zijn niet eens de belangrijkste vragen: welk museum? Van wie is het dan? En, mogen we het schuurtje neerzetten of moet de plek worden afgegraven?
Voor de raad ligt een beleidsvoorstel en een prachtig, illustratief rapport met een inspirerende toelichting over de Zwijndrechtse geschiedenis. De raad is dan ook enthousiast. Een ‘helder stuk,’ vindt Kirsten Moorman (Algemeen Belang Zwijndrecht). ‘Wat goed dat de geschiedenis geborgd wordt!’ ‘Ziet er goed uit,’ valt Anke Hoekstra (VVD) bij. ‘Vast een duur rapport, maar het is ook belangrijk.’ Freek Hartmeijer (PvdA) lijkt wat voorzichtig: ‘Loopt de grondverkoop geen stagnatie op? Zijn er gevolgen voor het vestigingsklimaat?’
Maar de aandacht gaat naar de ChristenUnie/SGP. Raadslid René van den Berg heeft zich duidelijk in de materie verdiept. Uitgebreid ondervraagt hij de wethouder over hoe de contacten zijn met de historische vereniging, of er gebruik is gemaakt van een grondradar en van wie vondsten eigenlijk eigendom worden. Handenwrijvend verheugt hij zich al op ontdekkingen in het bedrijventerrein De Geer.
De nieuwsgierigheid van Van den Berg is aanstekelijk. Ook voor Wethouder Aike Kamsteeg; hij staat een glunderende Van den Berg graag te woord. PvdA’er Hartmeijer weet er tussen te komen. ‘En de ondernemers dan?’ vraagt hij nog eens. ‘Och,’ antwoordt wethouder Kamsteeg, ‘dat zal wel los lopen.’
Het enthousiasme van de raad is ongetwijfeld terecht. Het ís een mooi rapport en het ís belangrijk. Maar door het enthousiasme komen de afwegingen niet meer aan bod. Die zijn alleen in de hoofden van de raadsleden zelf gemaakt, en niet door de raad gezamenlijk. Zo kreeg Hartmeijer ook geen voet aan de grond. Nu is duidelijk wát de raad heeft besloten, en niet meer waarom.
En wanneer dit debat ooit wordt opgegraven, kom je daar ook niet meer achter.
Deze column verscheen op 2 april 2012 bij Binnenlands Bestuur.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.
Het is nooit makkelijk wanneer politici over zichzelf moeten debatteren. Zowel op landelijk als lokaal niveau kunnen het heikele onderwerpen zijn: salarissen van Kamerleden, parlementaire enquêtes en het Rotterdamse deelgemeentebestel.
Sinds Leefbaar Rotterdam er in 2002 een campagnepunt van maakte, staat het thema op de politieke agenda. Nu óók het kabinet de deelgemeentes wil opheffen, moet er wel over gesproken worden.
De deelraad van Rotterdam Centrum had maandag een rapport van de gezamenlijke deelgemeentevoorzitters geagendeerd. Zo stond het op de agenda: “Deelgemeentebestel”. Niet ‘gezamenlijk standpunt deelgemeentebestel’ of ‘bekrachtiging advies voorzitters deelgemeentebestel’ of zelfs ‘dilemma’s bij opheffen deelgemeentebestel’. Nee, de richtingloze term “deelgemeentebestel”. En zo liep de vergadering dan ook.
PvdA’er Annet den Hoed benadrukt het ‘gebiedsgericht werken’ en het ‘nabij besturen’, zonder verdere toelichting. CDA’er Christof Wielemaker vraagt zich af: ‘waarom moeten er op wijkniveau nog politieke afwegingen worden gemaakt?’ Hij krijgt geen antwoord of bijval. ‘De deelgemeentes bevorderen de participatie helemaal niet!’ stelt Kim van Schaik van Leefbaar. ‘En met alleen een gemeenteraad gaat dat beter?’ vraagt VVD’er Rutger Knook nog, maar het antwoord blijft uit.
Na de eerste termijn mag voorzitter Hans van Zuuren reageren: ‘Nou, we weten wel een beetje wat u vindt. Het zijn net zo veel meningen als dat er al voorstellen zijn.’ Na een net niet te lange samenvatting van het rapport, is er geen behoefte aan een tweede termijn. Wat de deelraad van Rotterdam Centrum nu precies vindt, blijft in het ongewisse.
Aan het eind van de vergadering spreekt een vriendelijk raadslid me aan. Terloops vraag ik ‘m waarom het deelgemeentebestel eigenlijk bij hen op de agenda stond. ‘Hmmm. Geen idee. Eigenlijk.’ Hij kijkt me aan alsof ik hem met de vraag overval. ‘Gewoon een rondje maken, denk ik.’
Je kunt het politici niet kwalijk nemen om ergens een mening over te hebben. Dat is hun werk. Maar als er geen concrete stelling is voor een debat, zal het ook nooit ergens toe leiden. ‘Zonder wrijving geen glans,’ zei Frits Bolkestein eens over het belang van een meningsverschillen in het debat. Ik voeg daar graag aan toe: zonder doel geen richting.
Deze column verscheen op 19 maart 2012 bij Binnenlands Bestuur.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.
Wat een gezellige boel, vorige week in Maasdonk. De raadsleden worden hartelijk ontvangen door de gemoedelijke, vrolijke burgemeester. Dus daar is Dick Passchier heen gegaan! Uw weet wel, de goedlachse presentator van NCRV’s Stedenspel. In die tvshow namen steden het tegen elkaar op — en het liep altijd goed af, want iedereen was een winnaar. Ook als je had verloren. Ironisch genoeg loopt het bij het debat over de aanstaande herindeling anders – de gemeentes Maasdonk en Bernheze willen samen verder – en is het de spelleider die het maar moeilijk heeft.
Die spelleider, de voorzitter van de raad, is namelijk ook de portefeuillehouder. Na zijn toelichting op de stand van zaken, stelt Jolanda Schneider (CDA) hem een eenvoudige vraag: ‘hoe is het met de communicatie met burgers?’ ‘Hoe bedoelt u?’ reageert burgermeester Augusteijn al voorzichtig. ‘Ik bedoel in de volle breedte,’ voegt Schneider toe. ‘Het is oorverdovend stil op dit punt.’
Augusteijn antwoordt enigszins verontwaardigd. ‘We hebben intensief met burgers gesprekken gevoerd,’ vindt de burgemeester, ‘we zitten er midden in.’ Dat schiet vooral Jan van Hoek (Dorp Vinkel) in het verkeerde keelgat. ‘Waar zijn de stukken dan?!’ roept hij in de microfoon, ‘niemand weet iets.’ Augusteijn wordt monotoon. ‘Misschien moeten we meer doen.’ Het sust Van Hoek niet. ‘De raad heeft er vijf keer in 15 maanden op aangedrongen en er is niks.’ Burgemeester Augusteijn reageert, maar feitelijk met niet anders dan ‘nietus’. ‘Wellus,’ zegt Van Hoek weer.
Enfin.
De rest van de raad ziet het schouwspel maar aan. Een gezamenlijk debat over of de communicatie voor de inwoners van Maasdonk goed verloopt, is het niet meer. Zelfs de oorspronkelijke vragensteller Jolanda Schneider doet niet meer mee. Het is het ongelijk tussen Augusteijn en Van Hoek die, zoals wel meer bij discussies, zonder oplossing of uitspraak maar mét wederzijdse onvrede wordt afgesloten.
Daarom is de onafhankelijk voorzitter zo belangrijk. Door het gesprek via hem te laten verlopen, dwingen de raadsleden zich niet tot één maar tot allen te richten. En zonder voorzitter zoals feitelijk woensdag in Maasdonk, verwordt het debat met allen al snel een discussie met twee.
Deze Mystery Burger is niet eerder gepubliceerd.
De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.
Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.