Oproep tot zwijgen is ‘verstandig’

‘Dit kan hij doen,’ zegt bestuurskundige John Bijl. ‘Een spreekverbod opleggen kan hij niet. Dit is een verstandige oproep van “denk twee keer na voor je iets zegt”. En dat vanuit de optiek dat het zijn werk is de boel bij elkaar te houden.’

Volgens de reconstructie zou op de griffie sprake zijn van vriendjespolitiek, dubieuze declaraties en ongebruikelijke promoties. De interne werkgeverscommissie noemt in haar vertrouwelijke brief dat grenzen van fatsoen en rechtmatigheid zijn overschreden. De brief lekte uit naar de media.

De meeste fractievoorzitters geven gehoor aan het verzoek van de burgemeester en houden zich stil. Anderen vragen zich hardop af waarom de raad niet eerder is geïnformeerd. Weer anderen uiten hun onbegrip over het lek naar de pers. Intussen houdt de onrust aan, met de installatie van een nieuwe burgemeester in aantocht.

‘Het hele jaar door zijn er vergaderingen gepland. Dan is het wel fijn dat je een paar weken in het jaar een periode hebt dat er geen vergaderingen zijn’, aldus Bijl. ‘Maar een reces is geen vakantie. Zoals oud-VVD-Kamerlid Hofstra ooit zei: een reces is geen vakantie, maar je vakantie valt wel in het reces.’

In Zeeland duurt dat reces in veel gemeenten zes tot zeven weken. Gemeenteraden en Provinciale Staten vergaderen niet, en in sommige gemeenten ligt ook het college van B en W stil. Dat is volgens Bijl niet nodig: ‘Colleges kunnen tijdens de zomer best doorvergaderen. Vakantiespreiding is mogelijk, en niet het hele college hoeft aanwezig te zijn. Zes of acht weken de tent dichtgooien omdat anders vakanties niet mogelijk zijn, lijkt me niet nodig.’

Volgens Bijl is het reces juist een kans voor bestuurders en raadsleden om dingen te doen waar ze tijdens de drukte van het jaar niet aan toekomen. ‘Lees een stapel rapporten, ga op werkbezoek of schrijf aan een verkiezingsprogramma. Ik ken een burgemeester die elk jaar tijdens het reces een fietstocht door zijn gemeente maakt om inwoners beter te leren kennen.’

Of je nu in de raadszaal zit of op een campingstoel aan een Zuid-Europees strand: politieke verantwoordelijkheid kent geen seizoenssluiting. Reces is bedoeld voor reflectie en voorbereiding — niet voor stilstand.

Overvallen, ingewerkt en verantwoordelijk. Deze aflevering van het Kamergesprek laat zien dat ‘ingewerkt raken’ in de Kamer allerminst vanzelf gaat. Maatoug vertelt hoe ze zich het Kamerwerk eigen maakte door veel te kijken, luisteren en terug te lezen. Elias schetst hoe hij als vervanger van Ayaan Hirsi Ali onverwacht en onvoorbereid in het diepe werd gegooid. Yücel benadrukt juist hoe belangrijk het is om vanuit overtuiging en inhoud je plek te vinden.

John Bijl (Periklesinstituut) duidt de ervaringen in het bredere kader van parlementair vakmanschap: hoe verhouden leren, verantwoordelijkheid nemen en politieke identiteit zich tot elkaar? En wat kunnen fracties, Kamercommissies of zelfs de Kamer als geheel doen om nieuwe leden sterker te ondersteunen in hun ontwikkeling?

Zo biedt deze slotaflevering niet alleen persoonlijke reflecties, maar ook lessen over politieke professionalisering en de waarde van een goed functionerend parlement. Een passende afsluiter van een reeks gesprekken die het Binnenhof van binnenuit laten zien.

Het Kamergesprek: parlementaire debatten uitgelegd is de politieke talkshow om het parlementaire debat beter te begrijpen. Het Kamergesprek wordt gemaakt door ProDemos in samenwerking met Nieuwspoort.

De motie, ingediend door Jong Nissewaard en VOOR Nissewaard, stelt dat de raad ‘willens en wetens’ is buitengesloten. Fractievoorzitter Vincent Korbee spreekt van een ‘zeer fout precedent’. Het plan zou veel verder gaan dan het mandaat dat het college eerder kreeg, en dat via de pers te vernemen was, maakte het extra wrang. ‘Als andere partijen dit normaal vinden, zeggen ze dat je op deze wijze met de raad mag omgaan’, aldus Korbee.

Volgens John Bijl, directeur van het Periklesinstituut, zijn moties van afkeuring tegen burgemeesters ‘zeer zeldzaam’. Toch begrijpt hij het signaal: ‘Ik kan me voorstellen dat de raad zegt: had ons in het proces meegenomen. En ik snap ook dat je met een moeilijke vraag naar de bevolking toe gaat. Maar de mensen verrassen is niet goed.’

De kwestie legt een bekend staatsrechtelijk spanningsveld bloot. De rol van de burgemeester in dit soort besluiten is niet altijd eenduidig in de wet geregeld, zeker wanneer het college optreedt binnen een grijs mandaat. Van Oosten stond onder druk om uitvoering te geven aan de spreidingswet, maar heeft zich mogelijk verkeken op de ruimte die de raad het college hiervoor wilde geven – of heeft verzuimd die ruimte expliciet te vragen. Die inschattingsfout heeft nu geleid tot een motie. Geen unicum in de Nederlandse politiek, maar wel een belangrijke les: goede afstemming voorkomt bestuurlijke schade.

Volgens John Bijl, directeur van het Periklesinstituut, vraagt de kwestie vooral om bestuurlijke zelfbeheersing. ‘Terugtreden zou onmiddellijk worden opgevat als een schuldbekentenis. Maar ik zou hem wel adviseren in de coulissen te blijven. Geen lintjes knippen en dergelijke. Laat dat aan je collega’s over.’ Bijl wijst ook op de rol van de burgemeester: ‘Die moet erop toezien hoe ambtenaren hiermee omgaan. Want het is natuurlijk wel een hele bijzondere situatie.’

Het zijn verstandige suggesties, want de formele kaders bieden weinig houvast. Een wethouder is geen werknemer, maar een politiek ambtsdrager. Er is geen wettelijke regeling voor tijdelijke vervanging bij een strafrechtelijk onderzoek. Alleen de wethouder zelf kan besluiten zich terug te trekken.

In Rotterdam kiest Achbar ervoor om door te gaan. Dat is formeel zijn goed recht, en politiek begrijpelijk zolang de verdenking niet is onderbouwd. Maar de vraag of dat ook verstandig is, hangt vooral af van wat nodig is om het bestuur geloofwaardig te houden. Dan helpt het als een bestuurder niet alles zelf blijft doen, maar ruimte laat ontstaan – voor rust, representatie en vertrouwen.

Op 9 mei 2025 hield John Bijl de Jan van Zanen-lezing. In zijn lezing betoogde Bijl dat niet zo zeer lokale partijen ‘beter’ zijn in het vertegenwoordigen van inwoners, of ‘slechter’ zijn in het besturen, zoals wel wordt betoogd. Wat Bijl betreft is die vraag of lokale partijen ‘beter’ of ‘slechter’ zijn onjuist; ze past ze niet bij ons pluriforme democratisch bestel.

Wel stelt Bijl een andere vraag voor: dragen lokale partijen als deel van ons politieke landschap bij aan een betere democratie? In de lezing laat hij zien wat andere partijen, wetenschappers én kiezers kunnen leren van het succes van lokale partijen.

De lezing is hier in z’n geheel terug te kijken. Bij de lezing verscheen een essay, uitgegeven door VNG.

‘Het is een goed gebruik dat ik dan bij u begin,’ zegt burgemeester Bob Vostermans tegen Suzan Hermans (VVD). Zij heeft haar bijdrage van vanavond voorbereid met een motie. Bestuurlijk veel te prematuur, maar politiek precies op tijd.

De gemeenteraad van Peel en Maas bespreekt een businesscase voor het primair onderwijs in Baarlo. Het is de start van de aanpak van twee schoollocaties in het dorp. Het college vraagt de ruimte om verschillende scenario’s zorgvuldig te onderzoeken.

De noodzaak beide schoolgebouwen aan te pakken is zachtjes gezegd geen twistpunt. ‘Het is goed dat er eindelijk stappen gezet kunnen worden,’ zegt Hermans. Alleen de ambitie voor de sportfaciliteiten valt haar tegen. ‘Een volwaardige sporthal speelt een belangrijke rol in het toekomstgericht en integraal aanpakken van onderwijshuisvesting en sport.’

Vertaling: het is niet genoeg wat het college voorstelt. Met haar motie wil ze er voor zorgen dat het college voor de sporthal bij de Baarlose scholen uit gaat van zeker drie zaaldelen in plaats van  twee. Ook een tribune en kantine moeten in de basis staan, vindt Hermans. ‘De kantine kan breed inzetbaar zijn als ontmoetingsruimte voor verenigingen en andere maatschappelijke activiteiten.’ Zelfs als start- en eindpunt van georganiseerde wandelingen, glundert Hermans.

Baarlo is echt wel toe aan een vervanging van de scholen,’ vindt ook Lon Caelers (CDA). Over de motie is ze minder enthousiast. ‘We moeten niet voor de troepen uitlopen,’ meent Caelers. Met inrichten van de sporthal wacht ze liever tot de business case voor de onderwijsgebouwen is uitgerekend. ‘Daarna kunnen we pas bekijken hoe de sporthal integraal meegenomen kan worden.’

‘We willen helemaal geen keuze maken voor twee, drie of vier zaaldelen,’ zegt ook Edward Wezenberg (Lokaal Peel en Maas). ‘De wethouder heeft al gezegd dat hij alle varianten gaat onderzoeken.’ Dat maakt de motie prematuur, vindt Wezenberg. ‘Het zijn geen dingen die je graag hoort.’ Hij zet een slechtnieuwsgezicht op. ‘Het is een sympathieke motie.’

‘Ik denk dat het goed is dat ook de sporthal in samenspraak met de scholen en de mensen uit het dorp gaat,’ zegt Raf Janssen (PvdA/GroenLinks). Maar hij vindt de lokatie en de grootte van de hal belangrijker dan de inrichting. Dus houdt hij de uitgangspunten van de business case liever zoals die nu zijn. ‘De motie is wat mij betreft te vroegtijdig ingediend,’ zegt Janssen. ‘We steunen het liever later.’

‘Als we wachten denk ik dat we te laat zijn,’ meent Hermans. Van burgemeester Vostermans mag ze eerst reageren, nog voor het college het woord krijgt. ‘Er wordt al onderzoek gedaan naar de omvang van de sporthal.’ De raad moet het nu meegeven, vindt ze, en niet wachten tot de wethouder met een voorstel komt. Volgens Wezenberg hoeft Hermans zich geen zorgen te maken. ‘Ik heb de wethouder al horen knikken dat hij een toezegging wil doen,’ grapt Wezenberg.

Wethouder Erik Nijssen heeft inderdaad ook… sympathie voor de motie. ‘We kunnen elkaar op veel punten vinden’ Maar hij ontraadt de motie toch. Hij stelt voor eerst het onderzoek naar de capaciteit af te wachten. ‘We krijgen de schema’s van verengingen nu aangeleverd,’ zegt Nijssen. Als het nodig blijkt, komen er echt drie zaaldelen.

Hermans is natuurlijk blij met die toezegging. ‘Een volwaardige sporthal past sowieso in ieder scenario, er wordt goed geluisterd naar de gebruikers,’ vat ze samen. ‘We willen de motie dan ook aanhouden,’ zegt Hermans, ‘als het nodig mocht zijn.’ Een stok achter de deur, dus.

Hermans glimlacht; een knipoog blijft nét uit. Wethouder Nijssen knikt nog maar eens en glimlacht begripvol terug. Zijn voorstel is er door, en de raad heeft op een politiek sympathieke wijze het college een richting meegegeven.

De Mystery Burger zit elke week op een willekeurige publieke tribune bij een gemeente of provincie. Elke maandag doet hij in Binnenlands Bestuur verslag van de kwaliteit van de besluitvorming en het overleg. Donderdags verschijnt de column ook als nieuwsbrief via Substack — met extra reflecties en tips voor raadsleden, burgemeesters, voorzitters en griffiers.Wil je de column mét tips wekelijks in je inbox? Abonneer je dan hier.

Het plaatsen van de naam op de trein was al bijzonder, vindt Bijl. ‘Die naam had natuurlijk al nooit op die trein moeten staan.’ Volgens Bijl kan ook met de beste intenties een geschenk verkeerd uitpakken.

Dat de naam er nu af gaat is goed, maar laat. ‘Ik denk dat het morele kompas van Boerman in dit geval beter geijkt had moeten zijn.’ Lachend: ‘Misschien moet hij voor straf maar zelf zijn naam van die trein poetsen.’

Een plan van actiegroep Meer Democratie om de Haagse burgemeester via een referendum te kiezen, lijkt op het eerste gezicht een stap richting meer burgerzeggenschap. Maar volgens John Bijl, directeur van het Periklesinstituut, gaat het voorstel regelrecht in tegen de bedoelingen van de wetgever. ‘Het is onwettig. Je vraagt de raad mee te doen aan iets wat helemaal niet mag. Dat druist in tegen alles wat de wetgever heeft bedoeld.’

In een open brief pleitte Niesco Dubbelboer namens de actiegroep voor een verkiezing voorafgaand aan de formele aanbeveling door de raad. Dat zou inwoners meer invloed geven. Maar Bijl ziet daarin een ondermijning van het wettelijke proces. ‘Je maakt geen kans als je niet aan het referendum meedoet, terwijl de Gemeentewet juist toelaat dat sollicitanten onbekend blijven. Dat voelt ongemakkelijk – en staat haaks op de bedoeling van de wet.’

‘Je bent eigenlijk verplicht om je bekend te maken als je burgemeester wilt worden. Het mag van de Gemeentewet onbekend blijven. Ik krijg daar een ongemakkelijk gevoel bij. Je maakt geen kans als je niet aan het referendum meedoet. Dat staat haaks op de intentie van de Gemeentewet.’

Bijl is ook kritisch op de uitleg die Dubbelboer geeft bij de recente grondwetswijziging. ‘Die is niet doorgevoerd om een gekozen burgemeester mogelijk te maken, maar om de kroonbenoeming uit de Grondwet te halen. De benoeming door de Kroon staat nog gewoon in de Gemeentewet. Die kun je niet zomaar negeren.’

Los van de juridische bezwaren, ziet Bijl ook inhoudelijke risico’s. Een burgemeester is in Nederland geen politiek bestuurder, maar een onafhankelijk ambtsdrager. ‘Zijn besluiten zijn onderworpen aan achterafcontrole en gaan over orde en veiligheid. Als je daar verkiezingsretoriek op loslaat, krijg je machtsconflicten in plaats van inhoudelijke samenwerking. In Japan en de VS zie je waar dat toe leidt: bestuurlijke verlamming als raad en burgemeester elkaar tegenwerken.’

En dat is precies wat Den Haag níet nodig heeft, benadrukt Bijl. ‘Onze democratie is zo ingericht dat de macht bij de raad ligt – 45 volksvertegenwoordigers, geen machtsblok maar een collectief. Daar zit het gezag, niet bij één gekozen functionaris. Het laatste wat Den Haag kan gebruiken is een virtuele machtsstrijd over wie het grootste kiezersmandaat heeft.’

De roep om meer burgerinvloed is begrijpelijk – maar moet wél op de juiste plek landen. De raad is het hoogste bestuursorgaan van de gemeente. Meer invloed voor inwoners begint dus bij de volksvertegenwoordiging, niet bij het benoemingsproces van een burgemeester. Wie democratie wil versterken, versterkt de raad. Niet het ambt dat erbuiten staat.

Komende dinsdag treffen de raadsleden van Westland elkaar in de raadszaal. Ze hebben er hun vakantie voor af moeten breken. Welk onderwerp op de agenda staat is niet publiek gemaakt. Ook de vergadering zelf is besloten.

Dat is ongehoord, zegt John Bijl tegen Binnenlands Bestuur. De transparantie van bestuur vraagt in ieder geval dat iedereen weet waar het over gaat.

‘Niet voor niets staat in het eigen Reglement van orde van Westland dat de gemeenteraad tenminste 48 uur van tevoren op de hoogte moet worden gesteld,’ weet Bijl. ‘En de Gemeentewet schrijft voor dat een vergadering kan worden uitgeschreven ‘met opgaaf van reden’. De gemeenteraad heeft nu niets van dit alles.’

Volgens Bijl loopt de gemeente ook nog het risico dat een rechter de gang van zaken als onzorgvuldig zal beoordelen, met als gevolg dat een eventueel raadsbesluit wordt vernietigd.